Door unieke samenwerking inzicht in kwaliteit van zorg bij beroerte

02/12/2013

De zorg voor patiënten met een beroerte vraagt om inzet van veel verschillende zorgverleners. Het is voor betrokken zorgverleners een uitdaging om goed samen te werken met andere ketenpartners, de juiste behandeling te geven en deze uit te voeren. Inzicht in de kwaliteit van de geleverde zorg is hiervoor een voorwaarde. Een uniek samenwerkingsproject van diverse organisaties zal inzicht geven in de kwaliteit van de CVA zorgketen en de weg openen voor verdere verbetering van de CVA zorg.

Unieke samenwerking
Bij de zorg bij een beroerte, ook wel cerebrovasculair accident (CVA) genoemd, zijn veel verschillende zorgverleners betrokken. Dat maakt de kwaliteit ervan kwetsbaar. Goede samenwerking is essentieel. Niet alleen in de zorg zelf, maar ook op het niveau van bewaking en verbetering van de kwaliteit van die zorg. Daarom is het goed nieuws dat voor het eerst de beroepsverenigingen van neurologen, revalidatieartsen, specialisten ouderengeneeskunde en huisartsen, het Kennisnetwerk CVA Nederland (KNCN) en de patiëntenvereniging ‘Samen verder’ elkaar hebben gevonden in een gezamenlijk project om de registratie van de kwaliteit van de CVA-zorg te verbeteren. Zij werken hierin nauw samen met zorgverzekeraar Achmea, Zorgverzekeraars Nederland (ZN), het Dutch Institute for Clinical Auditing (DICA) en de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU).

Kwaliteit van zorg
Het Kennisnetwerk CVA Nederland heeft de afgelopen jaren ervaring opgedaan met de registratie van de kwaliteit van CVA-zorgketens. Die registratie heeft al tot aanzienlijke verbeteringen van de zorg voor de CVA patiënt geleid. Een voorbeeld hiervan is de toepassing van trombolyse. ‘Maar het kan en moet nog (veel) beter’, aldus Prof. dr. Martien Limburg, voorzitter van de KNCN Werkgroep benchmark en van de Projectstuurgroep. ‘De uiteindelijke resultaten van behandelingen en de ervaringen van de patiënten met de CVA zorg moeten beter in beeld komen, zodat duidelijk wordt waar verbetering mogelijk is. Om de kwaliteit van verschillende zorgketens ‘eerlijk’ te kunnen vergelijken, is het wenselijk dat er zicht is op de ernst van de beroerte bij patiënten. Ook gaan we de organisatie van de kwaliteitsregistratie verbeteren. Uiteindelijk moet dat alles leiden tot verbetering van de kwaliteit van de geleverde CVA-zorg, vanaf het begin van de beroerte tot en met de zorg thuis, in het verpleeghuis of in het revalidatiecentrum.’